We hebben niet alleen een lichaam maar we zijn ook ons lichaam
We spreken vaak over ons lichaam alsof het iets is wat we bezitten.
Mijn lichaam.
Mijn arm.
Mijn hoofd.
Mijn hart.
Alsof wijzelf en ons lichaam twee verschillende dingen zijn.
Toch ervaren we het leven niet naast ons lichaam, maar via ons lichaam.
Wij wonen er als het ware in.
Ons lichaam is het huis waarin wij leven.
Meer dan een machine
In de gezondheidszorg wordt het lichaam vaak benaderd als een object.
Een indrukwekkend object overigens.
Een complex systeem van spieren, gewrichten, organen, zenuwen en hersenen.
Die benadering heeft ons veel gebracht.
Dankzij medische kennis kunnen we ziekten behandelen, operaties uitvoeren en lichamelijke functies begrijpen.
Maar er is ook een andere kant.
Want mensen zijn meer dan een verzameling lichaamsdelen.
Wij ervaren.
Wij voelen.
Wij verlangen.
Wij genieten.
Wij zijn bang.
Wij houden van.
En al die ervaringen vinden plaats in hetzelfde lichaam.
Het lichaam weet vaak eerder
Veel mensen herkennen het.
Je loopt een ruimte binnen en voelt direct spanning.
Je ontmoet iemand en voelt vertrouwen.
Of juist wantrouwen.
Je krijgt slecht nieuws en voelt direct een knoop in je maag.
Nog voordat je begrijpt wat er precies aan de hand is, reageert je lichaam al.
Ons lichaam neemt voortdurend waar.
Veel sneller dan ons verstand.
Dat is geen fout in ons systeem.
Dat is een belangrijk onderdeel van mens-zijn.
Wanneer we het contact verliezen
In een druk leven leren veel mensen vooral functioneren.
Werken.
Regelen.
Presteren.
Doorzetten.
Dat kan waardevol zijn.
Maar soms raken we daardoor ook het contact kwijt met wat er van binnen gebeurt.
We voelen minder goed wat ons raakt.
Wat ons energie geeft.
Wat ons verdriet doet.
Wat we nodig hebben.
Ons lichaam blijft die signalen vaak wel geven.
Maar we luisteren er niet altijd meer naar.
Soms ontstaan dan klachten.
Vermoeidheid.
Spanning.
Onrust.
Slaapproblemen.
Piekeren.
Gejaagdheid.
Niet omdat het lichaam kapot is.
Maar omdat het aandacht vraagt.
Luisteren naar het huis waarin je woont
Persoonlijke ontwikkeling begint voor mij niet met veranderen.
Ze begint met waarnemen.
Met opnieuw leren luisteren.
Naar wat je voelt.
Naar wat je lichaam je vertelt.
Naar wat je nodig hebt.
Dat betekent niet dat gevoelens altijd gelijk hebben.
Gevoelens vertellen ons niet direct waarom iets zo is.
Daar hebben we ook ons verstand voor nodig.
Ze vertellen ons wel hoe iets voor ons is en verdienen daarom aandacht.
Wanneer we opnieuw leren luisteren naar ons lichaam, ontstaat vaak meer contact met onszelf.
Meer helderheid.
Meer rust.
Meer vrijheid.
Wij zijn niet in de eerste plaats denkende dieren die ook voelen, maar voelende dieren die ook denken
Wij leven in een samenleving waarin denken hoog gewaardeerd wordt.
En denken is belangrijk.
Maar een mens is meer dan zijn gedachten.
Wij zijn voelende, relationele en lichamelijke wezens.
We hebben niet alleen een lichaam.
We zijn ons lichaam.
Het is de plek waar wij het leven ontmoeten.
Het huis waarin wij wonen.
En misschien ook wel de plek waar wij onszelf steeds opnieuw kunnen ontmoeten.